Papier en pen

Terug naar papier en pen betekent het uitprinten van mijn manuscript en het zoeken naar schriften in mijn boekenkast. Er ligt er maar één. Post-its om bij het lezen een samenvatting en analyse van de scène op te maken. Kort en bondig. Een cijfer voor de spanning. Schrijfboeken zonder onderbreking kunnen lezen. Eindelijk een dikke pil uitlezen. In de tuin werken. Wandelen of fietsen in de vroege ochtend.

Geen afleiding van internet zal wel wennen zijn maar zo ben ik opgegroeid. Het voordeel is alleen zijn met je denken.

Volgens DBC Pierre is het wegsturen van de jury die over je schouder meeleest (bijvoorbeeld je lachende ex) belangrijk om ongeremd te schrijven. Zo’n stel critici (je ouders met verboden) kan ervoor zorgen dat je houterig gaat schrijven. Nog erger, je verhinderen bagger te durven schrijven. Uit de bagger kan namelijk de erts komen waar het je om te doen is. Door in een omgeving te zijn waar niemand je kent zou het zo kunnen werken dat je toestemming geeft aan jezelf om vrijuit te schrijven.

Shortlist Limnisa

Onverwachts kreeg ik een e-mail dat ik welliswaar geen winnaar ben maar dat mijn verhaal tot de top 10 behoorde en besproken is door de jury. Ik was dit inmiddels vergeten en het is een leuke opsteker tijdens roerige tijden. Er speelt in mijn leven zoveel tegelijk dat nadenken over een reis naar Griekenland dit jaar te veel van het goede zou zijn al zou ik heel graag van schrijfcoach Joey lessen ontvangen. Volgend jaar zou beter uitkomen dus ben ik blij dat ik niet gewonnen heb.

Heb je dat ook dat je verhalen vergeet die je hebt geschreven? Soms kan ik er later nog iets mee, bijvoorbeeld omdat het heel geschikt is om voor te dragen of omdat het net past bij die online site. Voor iedere gelegenheid kies ik een ander verhaal. Luchtig, stoutmoedig, vriendelijk, verdrietig, filosofisch,… voor elk wat wils. Dat is zo gegroeid en blijkt handig want ik kan kiezen.

Zelf schrijfretraite plannen

Er zijn schrijfretraites waar je voor betaalt en heerlijk een week samen met andere schrijvers en een schrijfcoach aan je verhaal werkt. Je kunt het ook zo aanpakken: zelf doen voor weinig budget.

Het begon ermee dat ik op een huis mag passen. Dus eerste voorwaarde: een locatie, was een feit.

Tweede is iemand om mee te sparren over mijn manuscript. Ik vond een schrijfvriend die vaak kritisch is over wat ik zoal over schrijven roep. Warempel, hij kon die weken en hij heeft zelf ook een manuscript van gelijke lengte. Dus we hebben afgesproken dat hij komt eten en dat we dan over elkaars manuscript gaan buigen.

Derde voorwaarde is dat er een methode is om je over de manuscripten te buigen. We gaan letten op elkaars structuur. Dit kun je doen met behulp van post-its waarbij je per scène de spanning een cijfer geeft en een pijltje of de spanning omhoog gaat of juist zakt. Door dit te doen krijg je goed inzicht over het verloop van je verhaal. Je kunt ook kijken naar de premisse van je verhaal – gaat iedere scène, desnoods gespiegeld, over het hoofdthema dat je voor ogen hebt? Heb je de premisse helder geformuleerd? Komt deze voldoende naar voren of kan dat sterker? Mis je daarvoor scènes? Zijn er scènes overbodig? Wat doet iedere scène?

Ieder één uur over je verhaal kunnen sparren vrijuit is ook een methode die vrijer is en die ook inzichten geeft die je niet krijgt wanneer je alleen aan je manuscript werkt. Tenzij je vrijuit over je verhaal reflecteert op papier. Mijn ervaring is dat erover sparren met een andere schrijver of een schrijfcoach toegevoegde waarde heeft en valkuilen aan het licht brengt. Bovendien helpt het om later je verhaal te pitchen. Praten dwingt je tot de kern door te dringen en brengt één en ander aan het licht. Bovendien geeft het energie en zin om te herschrijven.

Charles Bukowski (2)

Bukowski schrijft openlijk over drinken, vrouwen en wat hij vindt van intelligente schrijvers aan zijn redacteuren in een onnavolgbare stijl. Hij heeft wel een punt wanneer het erom gaat dat de stijl de boodschap niet teniet moet doen. Hij lijkt echter wel erg veel vanuit de ‘guts’ te schrijven, in het Amerikaans Engels een positiever woord dan het Nederlandse onderbuikgevoel.

Dit geeft me te denken of ik wel eens iets geschreven heb vanuit mijn onderbuik. Ja, een keer en het werd meteen tweede in een wedstrijd omdat het zo grappig overdreven was geschreven vanuit een bijtende zelfspot en lekker dramatisch. Dat wat je meestal voor je houdt is bevrijdend om te lezen.

Meestal zal Bukowski, mocht hij nu herleven, vinden dat ik te subtiel – nog iets dat hij hekelt – en te weinig ‘crude’ ben. Crude heeft in Amerika – mits ik het goed aanvoel – een negatievere connotatie dan rauw in Nederland. Alsof je een fout karakter hebt wanneer je crude schrijft, terwijl rauw een neutralere equivalent is qua stijl die zelfs gewaardeerd wordt. Ik zou de nuances van beide woorden moeten opzoeken in een goed woordenboek.

In een latere brief neemt hij het een beetje terug, zijn afkeer voor intelligent schrijven. Wie zegt dat je onderbuik een dommerik is? Is het niet instinctief iets zeggen? Tegenover weloverwogen? Sommigen zeggen instinctief erg zinnige dingen.

Ook in de brieven raaskalt hij tussendoor wat een grappig luchtig maar tegelijkertijd verhoogd besef van zijn omgaan met armoede, wat het met hem doet. Dat is denk ik waar de urgentie van wat hij schrijft vandaan komt. De masker van conventie valt af en je merkt zonder tussenkomst hoe het echt met hem gesteld is. Dat bedoelt hij dan met niet liegen.