Nogmaals urgentie

Na reacties op mijn blog op Facebook en discussie op forum Zinnigerzinnen, na wat artikelen gelezen te hebben, bekruipt me het gevoel dat urgentie zich beweegt op de as: heb ik zin om te lezen – wat ik zou moeten lezen om maatschappelijk geëngageerd te zijn en de as: toegankelijk – literair. Ik merk dat ik overal op die assen een beetje lees en schrijf. Ik wil me niet vastleggen op het een of het ander. Misschien komt dat omdat ik in de jaren zestig geboren ben en bepaalde dogma’s van die tijd nog in mijn hoofd rondspoken: gij zult genieten, gij zult experimenteren en u vrijmaken van dogma’s, naast de dogma’s gij zult moeilijke teksten leren lezen en daar uw genot uit halen die meer van school komen waar nog met een lat op mijn vingers getikt werd. Inderdaad kan ik genieten van zinnen van een alinea van Hannah Arends die inhoudelijk relevant zijn. Leve de tangconstructies!

Het nieuwe dogma schijnt te zijn dat urgentie gelijkgesteld wordt aan engagement. Wantrouwend vraag ik me af vanuit welke hoek dit waait. Wat voor engagement mag er zijn of wordt er van me verwacht? En mag ik niet navelstaren, terwijl dat ecologisch verantwoord is? Ik gebruik daarbij een minimale hoeveelheid materiaal en energie.

Advertisements

Urgentie

Urgentie lijkt een eenvoudig te begrijpen woord, toch vind ik het niet zo’n simpel te vatten begrip in een tekst. Waarom wil je het ene verhaal wel uitlezen en het andere niet? Dat ligt toch echt verschillend per verhaal en onderwerp. In plotgedreven verhalen zou je denken dat je wilt doorlezen vanwege een spannend plot, toch zou het kunnen dat de personages verantwoordelijk zijn voor de urgentie. Of de toepassing van de verhaaltechniek, of de schrijfstijl, of de premisse.

Je zou denken dat urgentie spanning is. Als het verhaal spannend genoeg is, is het meteen urgent. Toch is dat niet zo. Hoe vaak loop ik niet weg bij een spannend verhaal omdat het nergens over gaat. De reden om te kijken ontbreekt voor mij omdat er geen ontwikkeling is die mij interessant lijkt. Dan kom je terecht op het waarom van het verhaal. Als het mij geen inzicht geeft in interessante problematiek, als het niets toevoegt aan mijn innerlijke wereld, waarom zou ik een verhaal dan lezen?

Het is dus afhankelijk van de lezer: waarom de lezer een verhaal zou willen uitlezen. Soms wil een lezer gewoon een ontspannend verhaal lezen en domweg geamuseerd worden. Dan is de urgentie anders dan bij een verhaal dat je wilt lezen omdat de vorm een spel is.

Waarneming speelt een grote rol bij urgentie. Ik kan dit het beste tonen met een experiment. Neem twintig foto’s en kies welke volgens jou de meeste urgentie heeft. Waarom is dat? Waarschijnlijk verschilt jouw keuze van die van een ander, maar is er toch ook zoiets als overeenstemming mogelijk tussen verschillende keuzes. Kun je beredeneren waarom je die ene foto het meest urgent vindt? Ligt het aan de compositie? Kies je voor spanning of voor vorm? Ligt het aan het verhaal dat de foto volgens jou vertelt?

Gepraat over schrijven

Praten over schrijven is anders dan schrijven over schrijven en het is heel goed om dat eens in de zoveel keer te doen. Schrijven is een onderwerp waar ik niet zo gauw over uitgepraat raak, omdat ik altijd wel ergens mee worstel of iets uitprobeer. Zo ga ik eind juli optreden en midden juli op een korte schrijfretraite. Om maximaal profijt te hebben van de schrijfretraite wil ik een aantal verhaalideeën uitwerken. Ik wil nog een methode voor plotten ontwikkelen die spannend is en tot resultaat leidt. Misschien ga ik daar nu eerst mee aan de slag, met deze methode ontwikkelen. Het moet iets anders zijn dan ik al ken van anderen.

Door vrijuit over schrijven te praten – niet virtueel – los ik onderweg problemen op, ontstaan nieuwe ideeën en toets ik mijn ideeën want hardop uitspreken met een betrokken gesprekspartner betrekt meer mijn realiteitszin dan zitten achter de computer. Het is gemakkelijker zintuiglijk en emotioneel aanwezig te zijn en minder cerebraal te zijn. Zo van, dit idee klinkt goed, maar wat voel ik erbij? Zo gingen er een paar uur om voor we voldaan afscheid namen tot een volgende keer.

Essays van anderen lezen

Na het opsturen van mijn essay ben ik essays van anderen aan het lezen. Ik had het ook in de omgekeerde volgorde kunnen doen en eerst de essays van Komrij en Thomése kunnen lezen voor ik zelf ging schrijven, maar ik vond het juist goed om mijn eigen werk eerst vrijuit op te schrijven voor ik me zou meten met de meest bekende essay-schrijvers die me voorgingen zodat ik vooral inhoudelijk maar daarnaast qua vorm me zou kunnen vergelijken om ervan te leren.

Het onderwerp raakt het onderwerp waar beide essays over gaan, toch gaat mijn onderwerpbehandeling meer uit van waarneming vanuit de psychologie en ethiek, omdat ik nu eenmaal die bagage heb en na mijn studie er verder over nagedacht heb, nog wat filosofische boeken gelezen heb, wat onderwijspsychologische en wat religieus-ethische. Verder heb ik hier en daar gelezen over kunst, ken kunstenaars en heb daarover algemene kennis. Ik zie dan ook ideeën waar ik het grotendeels mee eens ben, maar ook ideeën die ik anders zie. Dat vind ik altijd heel interessant omdat ik me afvraag of er ergens een verschuiving heeft plaatsgevonden of dat ik iets gelezen heb of zelf iets bedacht heb dat net iets anders is.

Zo plaats ik dus de ideeën boven de vorm, hoewel mijn vorm ook een paar leuke vondsten heeft. Deze ontstonden organisch met analyse. Ook in deze tekst werk ik laag voor laag. Soms komen er meerdere lagen tegelijk waar ik dan verder op borduur. Eerst heb ik een mozaïek van verwante vragen waarna ik schrap, verbind en toevoeg tot er één lijn in komt. Deze is niet altijd zichtbaar omdat het een vervlechting wordt rond de grondgedachte. De vorm zegt iets over de inhoud.

Bij een essay ervaar ik een grotere vrijheid dan tijdens mijn wetenschappelijke studie, waar de discussie verbaal het meest creatieve onderdeel is. Er wordt je aangeleerd vooral uit te gaan van theorieën die al staan. Zelf iets bedenken wordt afgeraden. Het was dan ook geen wonder dat ik graag een mini-scriptie wilde schrijven bij Igor van Krogten, die het belang van literatuur hoog achtte tijdens zijn leven en daar zelfs een theorie op gestoeld heeft over de liefde.

Volgens Michel Foucault (filosoof) was er voor de wetenschap haar huidige vorm kreeg geen scheiding tussen literatuur en weten. Schreef je over een kip, dan schreef je zowel alle gedichten op die je kende als het aspect van het dier en de medicinale toepassing. Gaandeweg werd fabel en feit gescheiden, wat natuurlijk voordelen heeft, maar ook nadelen.

Immers nu weten we uit de neurowetenschap dat de rol van de betekenis essentieel is om een gezond functionerend mens te zijn. De betekenis komt daardoor toch weer terug in de wetenschap en daarmee het verhaal en het literaire essay. Hoe we denken over verveling, als we dat in een goed verhaal kunnen vatten, kan ons gezond maken. Tijdens deze omweg hebben we gelukkig geleerd dat vrijheid eveneens belangrijk is. En vrij een essay schrijven kan dus gezond zijn en wetenschappelijk verantwoord.

Los daarvan is een essay een bron van inspiratie voor wetenschap zoals andere kunst dat is geweest. In een essay kun je een mechanisme op het spoor komen of zonder het te weten een psycholoog inspireren tot een nieuwe vragenlijst voor een van belang geacht fenomeen in de liefde, bijvoorbeeld. Het is dan aan de wetenschapper om je idee te toetsen aan de werkelijkheid.

Over kunstcritici en over literatuur

Vandaag las ik Komrij over kunstcritici met bibberende benen. Zou mijn essay zijn kritiek doorstaan of zouden zijn woorden alsnog postuum mijn essay neersabelen? Naast het hardop lachen tot ergernis van mijn omgeving, hoopte ik niet mikpunt te worden van zijn scherpe observaties over kunstkritiek. Opgelucht las ik de laatste regels. Mijn essay zie ik als een psychologisch verantwoord antwoord op zijn essay. Zo ook op het essay van Thomése dat me eerder neerslachtig maakte over de onmogelijkheid om gepubliceerd te worden vooral als je literair met eigen stem probeert te schrijven en steeds te horen krijgt dat je toegankelijker moet schrijven en de lezer meer bij de hand moet nemen. Maar ook daarop is mijn essay volgens mij een goed antwoord. Mogelijk heb ik iets gevonden om het vraagstuk der toegankelijkheid mee op te lossen in computertaal. Kunnen we eindelijk makkelijk lezer en schrijver aan elkaar koppelen. Nu maar hopen dat iemand anders niet mijn essay al geschreven heeft.

Gevraagd te jureren

Ik houd nog even stil waarvoor, maar ik ben weer gevraagd te jureren voor een schrijfwedstrijd. Lijkt me erg leuk en een andere richting dan Edge Zero. Ben al aan het meedenken geslagen. Zin in. Ik word altijd blij van de verschillende soorten tekst die je dan voor ogen krijgt, ook van beginnelingen. Dus stuur maar op!