Schrijven en zomertijd

Veel schrijvers staan vroeg op om hun dagelijkse portie te schrijven. Geeft het uurtje vroeger opstaan problemen? Het helpt als je de avond ervoor al een uur vroeger naar bed gaat en op tijd, dus een uur vroeger de maaltijd opdient. Dan nog protesteert het lichaam tegen de verandering. Gelukkig maakt het groter aantal zonuren het gemakkelijker. Ik heb een daglichtlamp, maar merk dat ik deze minder nodig heb, omdat het ‘s ochtends vroeg al licht is. Ik zou zittend voor de daglichtlamp al 500 woorden kunnen schrijven, ware het niet dat ik op dit moment bezig ben met administratieve zaken. Ik denk na over een nieuw kort verhaal voor een wedstrijd. Het thema is vrij, ik heb al iets geschreven maar vind het te licht om in te sturen. Een ander thema heb ik echter nog niet in mijn gedachten.

Advertisements

Dialogen schrijven

Over dialogen schrijven kan ik kort zijn: lees Mosterd voor de maaltijd van Leonardo Pisano en je bent op de hoogte van hoe je een dialoog wel schrijft. Het moeilijkste vind ik om een interessant dialoog te schrijven. Het lukt me wel om te bedenken welke informatie er in het dialoog nodig is voor het verhaal en met enige moeite kan ik mijn personage een unieke stem geven, maar ik wil zo graag spitsvondig zijn dat mijn taalgebruik ofwel te creatief ofwel te saai wordt. Blunder jij nooit als je schrijft, dat je denkt wat een uitglijder?

Veel gemaakte blunders met dialogen kun je dus met het boek van Leonardo en Marit prima voorkomen. Nu nog de spitsvondigheid beheersen.

Museum

Terwijl mijn kind door het museum huppelt met het formulier van de speurtocht en bij kristallen stilstaat, houd ik gezeten op het pluche van de antieke stoel, een facsimile van Michelangelo vast in mijn handen, een krijttekening. Ik word aangekeken door de verstilde blikken van de portretten aan de muren rondom. Schepen varen eindeloos om me heen. De tafel waar ik aanzit, staat in het midden van de zaal. De vingers van de tekening raken elkaar net niet aan. Je weet wel, dat bekende beeld  van twee handen waarbij de wijsvingers naar elkaar reiken, schuin over het blad. De met rode krijtstreken omlijnde vingerkootjes komen tot leven, van het papier af als een poging om contact te maken met de hemel: een diep verlangen van de ziel. Reorganisatie, kapotte wasmachine, ziek kind, oorlog, Charlie Hebdo, antisemitisme, islamofobie, 49 paar sokken per week… De wanen van onze eeuw, alles komt samen in de reikende vingers, waarvan de delicate vingertoppen gevoeligheid uitbeelden. Ik heb het koud en als ik het koud heb ben ik ergens bang voor, een onbestemde angst. Ik heb geen zin. Ik wil me verliezen in een stapel zand. Ik wil dat mijn gedachten los zijn zoals drijfzand. Bewegen, bewegen. Dat het iets nieuws oplevert. Alles heeft bewogen. Een paar ideeën blijven op hun plek, maar de rest heeft bewogen. Overal wapenstilstand. Schepen op zee. Reef de zeilen! Ik ben als een kind op de duinen. Ik ril geborgen in de stoelleuning. Ik schrik op als Sem voor me staat bijtend op zijn potlood. ‘Ik ben klaar! Zullen we naar de uitgang gaan?’

gepubliceerd in Haarlems Dagblad

Ode aan de proeflezer

O, proeflezer, dank, dank, dank. Je haalt de fouten uit mijn tekst die ik niet zie na drie keer lezen. Je versterkt mijn twijfel over een zin, zodat ik het wel herschrijf en sterker maak. Je legt je vinger op zwakke plekken, zodat ik ze herzie. Ik ben afhankelijk van jouw schrijfkunst. Iedere proeflezer heeft andere kwaliteiten. Wat voor proeflezer ben jij? De positivo? De criticaster? Het taal vernuft? Vaak ben je van alles in een. Ik bedank je voor eervolle vermeldingen, voor het winnen, voor het verhaal dat verbeterd op mijn computer staat. Ik schaam me niet om te zeggen dat ik je nodig heb, om te leren en groeien en ooit hoop ik zoveel van fouten geleerd te hebben dat ik ze niet meer maak. Maar het contact met jou is misschien wel het allerfijnste wat er is. Je bent mijn eerste lezer en we wisselen iets uit. Daar draait het om in het leven, delen, met elkaar iets doen en plezier beleven.

Een thema bedenken

Als je zelf een thema voor een verhaal kunt bedenken, kun je een probleem krijgen, dat je niets kiezen kunt omdat alles een zo vreselijk groot onoverzichtelijk gebied is. Je hebt dan een keuzeprobleem. Kijk dan in je hart waar je graag over zou schrijven en maak dit klein. Een buurvrouw, ze wil thuisblijven tegenover een buurvrouw die wil reizen. Een witte laken op straat. Alles dat concreet is kan onderwerp zijn van jouw verhaal. De krant levert veel stof op. Wat leeft? Kijk op facebook voor inspiratie. In tijdschriften. En als je het dan nog niet weet, lees een boek. Je zult associaties krijgen en probeer dat te vertalen naar een verhaalidee.

Welk verhaal opsturen?

Soms komt er een schrijfwedstrijd langs die je graag winnen wilt en het onderwerp is vrij. Er wordt ook niet gevraagd dat het verhaal niet gepubliceerd is of dat het voor een andere wedstrijd geschreven is. Dus denk ik aan oudere verhalen die al bij een andere wedstrijd een prijs gewonnen hebben. En opeens vind ik die verhalen niet zo goed meer. Heeft mijn smaak zich ontwikkeld en is mijn lat hoger gaan liggen of heb ik te maken met onzekerheid? Ik wil bij deze wedstrijd een indruk geven van wat ik kan, want het is voor toelating tot een schrijfcursus. Daar past een bepaald genomineerd reisverhaal misschien goed bij. Dat geeft wel een indruk van verschillende dingen tegelijk, er zitten mijmeringen in, mooie beschrijvingen en handelingen. Een beetje van alles wat. Eens even kijken of het het juiste aantal woorden lang is… Of toch dat gewaagde verhaal dat de meeste proeflezers grappig vonden, maar helaas die ene serieuze proeflezeres niets vond? Toch maar iets nieuws schrijven? Dan moet ik op zoek naar een plot…

Paviljoen Meerzicht

Natalie Goldberg schrijft in Zen en de kunst van creatief schrijven dat je een gedicht los moet leren laten. Sommigen doen dit door een gedicht in een fles te doen en de fles in de zee af te laten drijven. Dit geldt ook voor korte verhalen. Ik had het verhaal geschreven voor de sofamonologen wedstrijd van Ruwe Planken en was er tevreden over. Het won niet bij Ruwe Planken, maar werd gewaardeerd door wie het las. Een experiment om het gevoel dat je hebt als je iemand met ADHD hoort praten wilde ik erin leggen. Dit is gelukt, als je het leest word je moe van het hak op de tak springen van het meisje dat tegen de Spiegeloog spreekt maar je voelt ook sympathie. Dit korte verhaal ligt nu ter inzage bij Paviljoen Meerzicht voor de bezoekers. Ik heb het losgelaten en het gaat nu een eigen leven leiden, ver van mij.